Aan de Catharijnesingel is tegenover de Geertekerk, nabij de plaats waar de liquidatie van Kerlen door Van Lier plaatsvond, als eerbetoon aan Van Lier in het talud het woord "Truus" uitgebeeld met narcisbollen. Dit is ieder voorjaar enige weken zichtbaar.

Geertruida (Truus) van Lier, geboren op 22 april 1921, was een Nederlandse verzetsstrijdster tijdens de Tweede Wereldoorlog. Op 7 oktober 1940 startte Van Lier met de studie rechten aan de Utrechtse universiteit. Kort daarop werd ze lid van de Amsterdamse studentenverzetsgroep CS-6. In de loop van 1943 infiltreerde Van Lier in de NSB en de Wehrmacht in Amersfoort. Ze slaagde er in foto's te maken van vliegveld Soesterberg en deze door te spelen naar het verzet. Daarnaast zou Van Lier als koerierster illegale lectuur en wapens hebben rondgebracht en Joodse onderduikers naar hun verblijfplaats hebben begeleid.

Op 3 september 1943 schoot Van Lier bij zijn huis aan het Utrechtse Willemsplantsoen de Utrechtse NSB-hoofdcommissaris van politie Gerardus Johannes Kerlen dood. De directe aanleiding was waarschijnlijk de arrestatie van familieleden van ondergedoken politiemannen. Rijkscommissaris Seyss-Inquart, de Utrechtse burgemeester Van Ravenswaay en NSB-leider Anton Mussert voerden de volgende dag een overleg waarbij geopperd werd onder meer een tiental Utrechters als represaille te executeren. De eerste twee genoemden wezen deze vergeldingsmaatregel af. Wel werd de Landwacht in het leven geroepen.

Enkele weken later werd Truus van Lier in Haarlem opgepakt. Ze belandde korte tijd later in concentratiekamp Sachsenhausen, waar ze op 27 oktober 1943 werd gefusilleerd.

In het Academiegebouw van de Utrechtse universiteit staat sinds 1950 een gedenkteken voor omgekomen studenten met daarop onder meer de vermelding van Van Lier. In Heerhugowaard is in 1999 het herdenkingsmonument Vrouwen uit het verzet geplaatst, dat is vervaardigd door Elly Baltus. In de sokkel staan 22 namen van omgekomen verzetsvrouwen gegraveerd waaronder die van Truus van Lier. In die stad is tevens een straat naar haar vernoemd evenals in de stad Leiden en Utrecht.

Van Liers vader was Joods. Hij overleefde de oorlog door onder te duiken. Haar moeder werd ook gearresteerd en kwam via Kamp Vught terecht in Ravensbrück, waar ze in januari 1945 overleed. Truus van Lier was een nicht van Trui van Lier. Samen met Jet Berdenis van Berlekom wist Trui in Utrecht via de crèche Kindjeshaven 150 Joodse kinderen tijdens de bezetting in veiligheid te brengen.