7 minuten lezen

 

Een term als Kunstmatige Intelligentie wordt tegenwoordig vaak gebruikt in de media. In de afgelopen maanden verschenen artikelen met als titel Kunstmatige Intelligentie in cold-case onderzoeken politie, Google wil geen Kunstmatige Intelligentie in wapens en Kunstmatige Intelligentie moet nepnieuws opsporen. Maar waar hebben we het dan precies over? In dit artikel lees je wat Kunstmatige Intelligentie wel en niet is en in hoeverre het al deel uitmaakt van ons dagelijks leven.

 

Het simuleren van denken en leren

Kunstmatige intelligentie (KI) is de competentie van een machine of een computerprogramma om te denken en te leren. Het gaat hier om systemen op basis van digitale technologie, die specifieke taken kunnen uitvoeren waarvoor intelligentie nodig is. De lezer die op basis hiervan een robot voor zich ziet die zich gedraagt en denkt als een mens, kan meteen gerustgesteld worden: dat is in de praktijk niet aan de orde. Intelligentie is een breed begrip dat mentale activiteiten omvat zoals leren, redeneren, begrijpen, de waarheid onderkennen en feiten van meningen onderscheiden. Intelligentie volgt een proces dat een computersysteem slechts gedeeltelijk kan nadoen in eensimulatie.

 

Het systeem volgt bepaalde regels, maar begrijpt niet wat er gebeurt.

 

Bepaalde soorten intelligentie zijn makkelijker te simuleren dan andere. Digitale systemen zijn bijvoorbeeld prima in staat om wiskundige berekeningen uit te voeren, maar de menselijke competentie van creativiteit kennen ze niet. Daarvoor is een bepaalde mate van intrapersoonlijke intelligentie of zelfbewustzijn nodig, die zich bij mensen uit in behoeften, interesses en verlangens. Volgens experts hebben digitale systemen niet de potentie om die vorm van intelligentie te ontwikkelen of te simuleren. Deze beperking is cruciaal: KI heeft dus eigenlijk weinig te maken met menselijke intelligentie. Het is altijd een simulatie die gericht is op het bereiken van een specifiek doel, het inschatten van de waarde van informatie, het verzamelen van aanvullende data, het leggen van relaties en tot slot het bepalen of een doel bereikt is. Dat gebeurt met behulp van algoritmen, een reeks instructies die vanuit een gegeven begintoestand naar een beoogd doel leidt. Alle vormen van KI die nu bestaan zijn zwak, wat inhoudt dat het systeem bepaalde regels volgt, maar niet begrijpt wat er gebeurt. In die zin kan KI het menselijk brein niet evenaren.

 

Het verschil tussen mensen en machines

Mensen beschikken dus over bepaalde vormen van intelligentie die voor computers of machines buiten bereik zijn. Desondanks hebben machines met hun beperkte, gesimuleerde intelligentie bepaalde voordelen ten opzichte van mensen. In de eerste plaats kunnen machines bepaalde dingen die de mens niet kan. KI kan bepaalde competenties combineren met algemene eigenschappen van digitale technologie, waaronder schaalbaarheid. Hierdoor kan KI het uitvoeren van intelligente taken opschalen. Zo kan de mens een tekst vertalen van het Nederlands naar het Chinees, maar kan KI dat met miljoenen teksten en in tientallen talen tegelijk. In de tweede plaats kunnen machines bepaalde dingen beter dan mensen. Mensen raken bij de uitvoering van bepaalde taken verveeld of vermoeid (denk aan werk aan de lopende band in een fabriek, of een urenlange autorit). Machines hebben daar geen last van: ze zijn accuraat, snel en werken consequent. Mede om die reden zijn bepaalde werkprocessen in de afgelopen decennia geautomatiseerd.

 

 

KI is al alomtegenwoordig

KI is al doorgedrongen in ons dagelijks leven. Anno 2019 maakt bijna iedereen bewust of onbewust gebruik van KI. Voorbeelden van breed verspreide en bekende toepassingen zijn zoekmachines op internet, online vertaalprogramma’s, de aanbevelingen voor producten die een webwinkel doet als je iets koopt, spraakherkenning en tot slot spamfilters die ongewenste reclame uit je mailbox halen. Minder bekend maar ook wijdverspreid zijn toepassingen als gezichtsherkenning, fraudedetectie in de financiële wereld (waarbij het systeem leert welk typen transacties frauduleus zijn) en het optimaliseren van verkeersroutes. Sommige toepassingen zijn nog volop in ontwikkeling, zoals het stellen van diagnoses in de medische wereld (zie het artikel De opmars van zelflerende computers in de zorg.) en onderzoek naar de inzet van KI om humanitaire crises te voorspellen en geweld te voorkomen.

 

Autonome voertuigen

KI is een voorbeeld van een disruptieve technologie, dat wil zeggen een technologie die een snelle ontwikkeling doormaakt, veel impact heeft op de maatschappij en de potentie heeft om de manier waarop we leven en werken ingrijpend te veranderen. Een concreet voorbeeld daarvan is de ontwikkeling van autonome (zelfrijdende) voertuigen. Dit zijn voertuigen die zonder menselijke interventie veilig van a naar b kunnen rijden.

Bij de ontwikkeling van autonome voertuigen wordt veel gebruik gemaakt van KI. Er wordt een onderscheid gemaakt in vijf niveaus:

1. De techniek geeft assistentie aan de bestuurder. De meeste auto’s kennen dit al; een voorbeeld is adaptive cruise control, waarbij de snelheid van de auto wordt aangepast aan de verkeerssituatie.

2. Gedeeltelijke automatisering. In dit geval neemt de techniek af en toe de rol van de bestuurder over, bijvoorbeeld bij automatisch inparkeren. Er zijn al auto’s op de markt die gedeeltelijk geautomatiseerd zijn.

3. Voorwaardelijke automatisering. Hierbij kan de auto zelf rijden in een bepaalde context (zoals op de snelweg), tot een bepaalde snelheid en onder toezicht van een mens die kan ingrijpen. Met dit niveau wordt geëxperimenteerd.

4. Hoog niveau van automatisering. Hierbij voert de auto alle taken uit en is er geen bestuurder nodig. In bepaalde situaties moet een bestuurder het wel over kunnen nemen. De auto-industrie verwacht dat dit niveau in 2020 gehaald wordt.

5. Volledige automatisering. Hierbij rijdt de auto zonder enige menselijke interventie op een niveau vergelijkbaar met of beter dan de mens. De verwachting is dat dit niveau in 2025 gereed is.

 

KI houdt zich aan de verkeersregels en zit nooit vermoeid, gefrustreerd of onder invloed achter het stuur.

 

De verwachting is dat de komst van autonome voertuigen het leven van de mens ingrijpend zal veranderen. In de eerste plaats zullen er minder verkeersongelukken plaatsvinden, omdat KI een betere bestuurder is dan de mens. KI houdt zich aan de verkeersregels en zit nooit vermoeid, gefrustreerd of onder invloed achter het stuur. Wanneer de situatie op de wegen veiliger wordt, kunnen lichtere auto’s gebouwd worden en zal er minder schade geclaimd worden bij verzekeraars. In de tweede plaats levert de introductie van autonome voertuigen de mens tijd op. De tijd die eerst doorgebracht werd achter het stuur kan dan anders besteed worden. Voortaan kan tijdens een autorit gestudeerd, gewerkt of gewoon ontspannen worden. In de derde plaats zal het aantal chauffeursbanen flink afnemen door de introductie van autonome voertuigen. Dit zal de transportkosten van goederen en mensen flink doen dalen, maar levert tegelijkertijd problemen op voor de werkgelegenheid. Daarmee is de invoering van autonome voertuigen een voorbeeld van een technologische ontwikkeling die een flinke impact zal hebben op de maatschappij. Die voorziene impact vraagt in een vroeg stadium om reflectie van zowel burgers als de politiek op de vraag hoe we de toekomstige maatschappij vorm willen geven.

 

Zegen of vloek?

Ook zonder gebruik te maken van een glazen bol is duidelijk dat de invloed van nieuwe technologieën zoals KI in de toekomst alleen maar groter zal worden. Het is helaas minder duidelijk of de mensheid daar vooral de vruchten van zal plukken of dat er ook een gevaar in schuilt. Daar woeden momenteel felle discussies over. Sommige experts voorspellen dat de mens met behulp van technologieën als KI op termijn zal kunnen stoppen met werken en een ‘vrijetijdsmaatschappij’ zal kunnen opbouwen. Anderen waarschuwen dat KI uiteindelijk kan leiden tot de vorming van een digitale superintelligentie die de ondergang zal betekenen van de menselijke beschaving. Het volgende artikel in deze reeks zal deze discussie ontleden en gaat in op de vraag of KI uiteindelijk een zegen of vloek zal zijn voor de mensheid.

 

Geraadpleegde literatuur

Een goede inleiding op het thema: Artificial intelligence for dummies (2018).

B. Marr. The complete beginners’ guide to AI (2017).

McKinsey Global Institute. Disruptive technologies: advances that will transform life, business and the global economy (2017).

H. Roff. Advancing human security through artificial intelligence (2017).

O. Tunikova. What you need to know about AI (2018).