Een van de bekende namen in het CvT-archief is die van psycholoog en wetenschapsfilosoof Trudy Dehue. ‘Graag wil ik het bestuur van het Fonds laten weten hoe blij ik ben met de toekenning van een subsidie voor het Oxford Summer Seminar,’ schreef ze op 2 juni 1984. Niet alleen kon ze daar nieuwe kennis opdoen, ook ervaarde ze de subsidie ‘als een erkenning van mijn werkzaamheden en dat is een belangrijke stimulans tot verder werken.’

 

Trudy Dehue (1951) werd bekend met haar boeken De depressie-epidemie en Betere mensen. Toen zij in 1984 met een beurs van 1670 gulden naar Oxford vertrok, werkte ze aan een proefschrift over onderzoeksmethoden in de psychologie.

 

 In zo’n Oxford-college verblijven en de Bodleian Library bezoeken – het deed me groeien.

 

‘Ik had al met een hbo-diploma in de kinderpsychiatrie gewerkt, maar ik wilde meer en begon aan een universitaire studie in de psychologie en later ook de filosofie. Mijn proefschrift bevond zich op het kruisvlak van die twee vakgebieden en die combinatie is mijn onderzoeksterrein gebleven.’ Het proefschrift dat in 1995 onder de titel Changing the Rules bij Cambridge University Press verscheen, wordt nu herontdekt door twintigers. ‘Ook deze generatie psychologen is nog verrast te lezen dat er in methodologie opvattingen verborgen zitten over een goede samenleving.’ In 2005 werd ze hoogleraar theorie en geschiedenis van de psychologie in Groningen.

De aanvraag bij het CvT-fonds was de allereerste poging om zelf geld voor onderzoek te werven. In haar bedankbrief verwijst Dehue naar ‘de soepele en zakelijke wijze’ waarop de toekenning verliep. Terugkijkend vindt ze het nog steeds bijzonder dat het slaagde, ook al ging het om een klein bedrag.

Op de vraag naar eigen ervaringen met discriminatie, ook in relatie tot klasse en etniciteit, antwoordt ze: ‘Omdat ik een blanke heterovrouw ben, heb ik alleen de nadelen ondervonden van vrouw zijn. Discriminatie schuilt in alledaagse dingen. Op school werd als vanzelfsprekend alles wat fout, onhandig of dom was aan vrouwen toegeschreven. In de tweede klas van het gymnasium moest ik weg, naar de Middelbare Meisjesschool (MMS). Dat deed veel met me. Pas in 2010 hoorde ik dat uiteindelijk alle vier de meisjes uit die klas van 22 leerlingen het gymnasium hadden moeten verlaten. Dan kom je ook qua zelfbeeld op een grote achterstand te staan, waarna het veel moeite vergt om die weer in te halen.’

 

Trudy DeHue

 

Met dank aan het Fonds Dr. Catharine van Tussenbroek, Uitgeverij Verloren, de auteurs en de geïnterviewde vrouwen voor hun toestemming voor overname van de interviews.