Deze reportage in boekvorm gaat over Nigeriaanse meisjes en vrouwen die door Boko Haram werden ontvoerd, vluchtten, en nu hun verbijsterende relaas doen. De schrijver, die als oorlogsjournalist deze omgeving goed kent, wisselt de verhalen af met achtergrondinformatie en historische analyses. Hij roept het westen op tot actie.

De auteur is een Duitser, geboren in 1970 in Hamburg. Hij studeerde geografie, geschiedenis en Islamwetenschap. Hij werkt voor Die Zeit. Hij publiceerde o.a. reisjournalistiek, oorlogsjournalistiek, een boek over de Syrische bootvluchtelingen en nu een boek over de door Boko Haram ontvoerde meisjes en vrouwen. Bauer won veel journalistieke prijzen, waaronder recent de Nannen prijs 2016, een  prijs voor de beste documentaire: over de door Boko Haram geroofde meisjes. Door de studies die hij deed en zijn ervaringen in oorlogsgebied, is hij bij uitstek in staat om deze complexe regio te doorgronden en de geschiedenis van Boko Haram te beschrijven en te duiden.


Type, stijl, opbouw

Het betreft non-fictie. De schrijver spreekt zelf aan het einde van dit boek over: ‘deze reportage’ en over ‘dit onderzoek’. Het boek wisselt onderzoeksgegevens af met de verhalen van de meisjes. Steeds worden achtergrondschetsen gegeven, over historie, geografie en de cultuur van de stammen die in dit gebied wonen.

Het boek begint met een beschrijving van het Sambisa woud en zijn omgeving. De beschrijving bezorgt je al een gevoel van gevaar, terwijl je nog niets gelezen hebt over de meisjes. Bauer schrijft sober, zonder dat er ergens sprake lijkt van sensatie of overdrijving. Hij grijpt je in je nek en neemt je mee in de ellende in Nigeria. Zijn schrijfstijl is zijn kracht: de kale beschrijving van de werkelijkheid versterkt zijn werk.

De prachtige zwart-wit portretten van Andy Spyra maken het boek ook visueel aangrijpend en tonen ingetogen de hoofdpersonen van dit boek.

  

De verhalen van de meisjes

De achtergrondstudies worden afgewisseld met interviews, met steeds één van de meisjes of vrouwen. Deze interviews worden eveneens sober beschreven hetgeen volledig recht doet aan hun indringende verhalen. De situatie waarin een interview plaats vindt is soms gevaarlijk, soms is er sprake van wantrouwen naar de interviewer toe. Of er is wederzijds wantrouwen, door zorgen over de veiligheid van de ontmoetingsplaats: ‘Is er iemand die kan weten dat we hier zijn?’

Opvallend is dat de meisjes hun verhalen vaak zonder grote emoties brengen. Soms lees je de verdringing van de gruwelijkheden die ze meemaakten in wat een meisje zegt: zoals Talatu wanneer ze over de man praat waaraan ze werd uitgehuwelijkt: ‘ Ik weet niet meer hoe de man die mijn man was eruit zag. Ik weet het niet meer. Ik ben bijna alles vergeten.’  Ze zwijgt daarna langdurig. Later zegt ze: ‘Ik had geluk. Hij kon mij  niets doen. ’Sakinah zegt: ‘Ik ben heel vreemd geworden. Ik kan me niet zo goed  meer concentreren. Ik ben bang voor grote ruimtes, pleinen en brede straten. En die nachtmerries ’s nachts. Ik droom vaak dat Shekau(de leider van Boko Haram red.) achter me aan zit. Dat zeggen ze bij Boko Haram: dat je je niet kunt verstoppen voor Shekau. Shekau, zeggen ze, krijgt je altijd te pakken."

De inhoud van de verhalen is verbijsterend, ik merkte tijdens het lezen dat ik er eigenlijk geen kennis van wilde nemen, het is te gruwelijk. De indoctrinatie, de gedwongen huwelijken, de martelingen en onthoofdingen die ze moesten aanzien. Maar ook: wat zijn de vrouwen uit noord-oost Nigeria sterk! Als kind worden ze vaak verstoten en moeten ze het maar verder zien te redden. Dat doen ze ook, met hun kleine onderneminkjes. Verschillende meisjes wilden niets liever dan onderwijs volgen, sommigen deden dat ook. Onder Boko Haram mocht dat natuurlijk niet. Soms vertelt een meisje de gruwelijkste beestachtigheden op een bijna zakelijke manier. Dit toont aan dat de werkelijkheid té erg was.

 

Boko Haram en het doel van de schrijver

Het bos, waarin de meisjes gevangen werden gehouden, is het rijk van Boko Haram, even duister als het bos zelf. De leider van deze terroristische sekte komt bij een paar hoofdstukken met een citaat aan het woord.  Hij zegt o.a. dingen als: ‘Ik zal jullie slachten’. En: ‘jullie kennen mijn waanzin niet’. Uit de verhalen van de meisjes blijkt dat dit letterlijk genomen moet worden. Shekau, de leider van Boko Haram lijkt inderdaad waanzinnig. Ook zegt hij: ‘Broeders, gij zult slaven nemen…we moeten de verspreiding van Westers onderwijs verhinderen. …Ik heb de meisjes ontvoerd…ik zal ze verkopen…Ik verkoop vrouwen.’ 

Een groep bewoners van deze regio heeft nog een voodoo-achtig animistisch geloof. Bauer vraagt zich af in hoeverre dit van invloed was op de opkomst van Boko Haram.

Waarom lopen toch zoveel mannen uit Nigeria en omgeving dan achter hem aan? Bauer zoekt een verklaring in de geschiedenis van het land, maar ook de verschillende stammen, zoals de stam van de slavenjagers. Je vraagt je al lezend af of de oude stammenoorlogen en de jacht op slaven altijd gewoon door is blijven gaan, al leek het een tijd uitgeroeid. Wat is de invloed van het animisme, dat hier nog vrij veel voorkomt?
Bauer wil met dit boek het probleem van terroristische sekten onder de aandacht brengen omdat ze, misschien wel op korte termijn ook het westen bedreigen. Maar hij verzucht dat het Westen niet wíl kijken, dit deel van Afrika ligt immers ver weg.

Door de geschiedenis van deze regio en de persoonlijke ervaringen van de meisjes te beschrijven probeert hij hiervoor aandacht te krijgen.

 

Conclusies

De conclusies die Bauer trekt zijn beangstigend. Ook hier in noord-oost Nigeria wordt veel, zo niet de meeste ellende, aangericht door opportunistische en corrupte politici.

Iedereen die zich wereldburger voelt en toekomstgericht is, maar voorál politici, zouden dit boek moeten lezen en actief moeten werken aan verbetering van de onderwijs- en economische situatie, misschien vooral van de vrouwen daar, zodat hun kinderen straks geen baat meer hebben bij aansluiting aan dit soort terroristische sekten. De vraag is hoe dat te doen, zonder de corruptie aan te wakkeren. Geen gemakkelijk vraagstuk. Er is een lichtpuntje: de kracht van de Nigeriaanse vrouwen. Of om met Bauer te zeggen: ‘Ze zijn zo sterk, die vrouwen.’