5 minuten lezen

 

Ellen Meuwese en Renée Mathilde stappen samen het Cobra Museumcafé binnen voor het interview, twee flamboyante dames. Renée draagt een grote, rode hoed met bloemen op de brede rand en ook Ellen ziet er kleurig uit. Dat moeten ze zijn. Ze vallen met de deur in huis, betreuren de eenvormigheid in het straatbeeld, de mensen die zich allemaal hetzelfde kleden, waarom niet met meer fantasie? Het interview moet nog beginnen en we zitten er al middenin. Wie zijn ze?

 

Een getekend dagboek

Ellen Meuwese is beeldend kunstenaar, na het gymnasium studeerde ze een jaar kunstgeschiedenis maar toen ze een schilderij van Karel Appel moest uitleggen, dacht ze: ‘Nee, dit is mijn vak niet.' Ze werd aangenomen op de Hogeschool voor de Kunsten (HKU) in Utrecht die een uitstekende grafische opleiding heeft. In het tweede jaar had ze een half jaar privéles in modeltekenen. In de roerige jaren eind 60, begin 70, kwamen er nauwelijks studenten naar les.

 

Nee, dit is mijn vak niet.

 

Ze werd beeldend kunstenaar, trouwde en kreeg vier kinderen maar bleef tekenen en schilderen, gaf etsles aan de kinderen. Toen haar man overleed, de oudste was vijftien, moest ze het commerciëler gaan aanpakken, acquisitie plegen, overal naar toe gaan. Bedrijven, zoals ING, kochten haar werk. Ze ging kaarten uitgeven, liet een eigen servies maken, pakte op wat op haar pad kwam. Ze maakte zelfs een boek, Trefzeker, met tekeningen en korte stukjes. Ellen typeert haar werk als een getekend dagboek waarin ze alledaagse ervaringen tekent en schildert. Haar kippen werden landelijk bekend. Ze exposeerde in Singer Laren, het Stedelijk Museum, Museum Henriette Polak, Museum De Schotse Huizen en Museum Jan van der Togt.

Op een dag ontmoet ze Renée Mathilde via Wim de Vries, business mentor en inspirator, die ze kent van de Koninklijke Industrieele Groote Club. Dan ontstaat er een hele bijzondere samenwerking.

 

Ascot man Ellen MeuweseIn Twijfel, 30x30 cm, olie op doek

 

Natuurtalent met eigen stijl  

Renée Mathilde (Potman) ging na de havo naar de Modeacademie Charles Montaigne. Ze kon goed tekenen en zat als kind altijd kleertjes te maken. Haar oma was couturier. Na Montaigne werd ze styliste dames- en herenmode bij een groot bedrijf maar kreeg snel diverse eigen kledinglijnen. Na een gat van twintig jaar door een ernstig auto ongeluk besloot ze vijf jaar geleden hoeden te gaan maken. Exclusieve, unieke hoeden, veel handwerk met grote precisie. Ze volgde workshops bij Nienke Visser en wilde graag les van de ‘grote Marianne Jongkind’ die haar zes lessen gaf vanwege haar enorme enthousiasme. Ze bleek een natuurtalent en ontwikkelde een eigen stijl. Ieder seizoen volgt ze nog een masterclass.

 

Winnende hoed Art Deco Renée MathildePrijswinnende hoed Art Deco

 

Renée is lid van de Nederlandse Hoedenvereniging en in 2015 won ze de eerste vakjury prijs met het thema art deco. In 2016 werd ze genomineerd voor de beste complete outfit voor politica op prinsjesdag. Onlangs heeft ze meegedaan aan een opdracht over duurzaamheid voor de NS. Ze heeft een pet/hoed ontworpen van gebruikte uniformen waarover NS erg enthousiast is. Wie weet wordt haar ontwerp gedragen op de Prinsjeshatwalk op 14 september a.s.

 

Nieuwsgierig naar de ander

Op de site van Renée staat 'createur uit pure passie' en dat geldt overduidelijk voor beide kunstenaars. Hoe gaat dat nu zo’n samenwerking tussen twee kunstenaars? Ellen: ‘Het lijkt of we elkaar al heel lang kennen. We hadden meteen een klik. We brengen graag meerdere dagen met elkaar door om elkaar te inspireren. We bekijken elkaars werk met veel oog voor detail, kunnen dan niet ophouden met het bedenken van ideeën en raken nooit uitgepraat. Maar samenwerken kan niet zonder gevoel voor de ruimte van de ander. We geven elkaar commentaar maar zullen elkaar niet dwingen, elkaar geen belemmeringen opleggen. We zijn nieuwsgierig naar de stappen van de ander terwijl we ieder onze eigen vrijheid behouden.’

 

Ellen Meuwese (l) en Renée Mathilde (r]Ellen Meuwese (l) en Renée Mathilde (r]

 

Zo raakte Renée super geïnspireerd door een opmerking van Ellen dat je ook van afval iets moois kan maken. Toen Renée Ellens schilderij zag van een vrouw uit Brits Guyana met een stuk plastic over haar hoofd als bescherming voor de zon, maakte ze thuis meteen twee hoeden en twee tassen van afval. Als Renée bij Ellen logeert, laat ze een paar hoeden achter en bedenkt Ellen vrouwen die ze eronder wil schilderen. Maar het kan ook gebeuren dat Ellen bij een mooie hoed zegt: ‘Hier kan ik niets mee.’  Ze wil niet alleen maar mensen schilderen met mooie Ascot hoeden. Zo maakte ze voor de tentoonstelling een schilderij met een oude hoed van Renée die haar veel beter beviel. Samen komen ze op ideeën en gaan daarna ieder hun eigen gang.

 

Zelfportret in lakjas Ellen MeuweseLakjas, 75x90 cm, olie op doek

 

Waardoor laten jullie je nog meer inspireren?

Ellen heeft veel gereisd: ‘Ik ben meer een kijker, registreer hoe andere mensen eruit zien, en bedenk wat ik daarvan wil gebruiken. Ik vind het erg fascinerend als mensen zichzelf heel mooi en opvallend kleden, een traditie levend houden. Ik houd van folklore.’

Als Renée de schilderijen van Ellen bekijkt, kan een detail haar op een nieuw idee brengen. Zo maakt ze nu bloemen van zijde die ze in de kleur van een jurk laat spuiten. Ellen: ‘Door de invloed van dominante reclame is er veel wit, zwart en grijs in de kleding en in interieurs. Met een knalroze jasje pas je niet in het tijdsbeeld’.

 

Roze elegantie. Hoed Renée Mathilde Roze elegantie

  

Renée zag vijf jaar geleden op Prinsjesdag vrouwelijke ministers en kamerleden in de meest vreselijke combinaties. ‘Ik dacht toen: dat kan ik beter.’ En zo ontstond een prachtige outfit voor vrouwelijke politici.’

 

Wat gaan we zien op de expositie in het Grachtenhuis?

Ellen: ‘Dat hangt van de tentoonstellingsmaker af. De kunstenaar kan het niet zelf bepalen, en ook de ruimte is belangrijk. Je worstelt als kunstenaar altijd tussen het commerciële denken en de vrijheid. Je wilt graag je gang gaan maar het moet ook wat opleveren. Een schilderij van een vrouw met afgebroken nagels, een citroen in haar hand en plastic op haar hoofd is geen schilderij wat iemand zal kopen om in zijn kamer te hangen. Maar daar ligt wel mijn passie. Ik koop zelf stillevens terwijl ik dynamische schilderijen maak.’

 

Expoteam selecteert voor expositie Ellen MeuweseHet team selecteert

 

Renée: ‘Ik ben al mijn remmingen kwijt als ik werk voor de expositie. Ik voel me vrijer. Bij een opdracht wil ik dat het draagbaar is. Nu kan ik doen en laten wat ik wil. Maar we zijn alweer met het volgende bezig voor na de expositie. Nee, dat gaan we nu niet vertellen.’